Van harte welkom

Van harte welkom op mijn gedichtenblog. U mag de gedichten ongewijzigd gebruiken met vermelding van mijn naam. Voor het verzorgen van een lezing met voordrachten kunt u contact opnemen via cobytjeert@live.nl Er is ook een volledig programma voor Kerst en Pasen.
Er is nog een interview te beluisteren van enkele jaren geleden. , https://soundcloud.com/user-671424345/interview-coby-poelman-duisterwinkel-10-07-2017

zaterdag 30 juli 2016

Een stille moeder


Roerloos staat ze
voor het venster
in het schijnsel van de maan.
Haar hart schreeuwt
de hunkering,
vragenworstelend
snikt ze zijn naam

hoe vaak heeft ze hier
haar hartstocht gestild
gekweld door verlangen
de nacht onderbroken
fluisterhuilend
haar liefste gezocht.
Ik weiger je dood
zie je leven in mijn dochter
jouw Loenia
hoor je, jouw Loenia!
Ik wil je laten weten
haar zoontje
is ook…

Kom, huivert ze
krampachtig,
sleept zich naar boven
langs haar lange grijze jas
zich afvragend of
het ooit overgaat.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Bij het gelijknamige boek van Ariëlla Kornmehl

Gepubliceerd in "Strijklicht van violen" (2013)



maandag 25 juli 2016

Fietsen langs "de Lindt"

Langs het fietspad
droomt "de Lindt"
van helder stromend water.
De zon vormt in
de schrale wind
een stammenschaduwspel;
in lijnen op het grijs
schijnen bomen antraciet.
Langs riet drijft vliezig ijs.

De zingende fietser,
een lint in het haar
plet dromerig de schelpen.
De populieren wiegen
het ritme van haar lied.
Bij het “verlangt
mijn ziel naar U”
mindert ze vaart.

Langs het fietspad
hoort "de Lindt"
een stroom van levend water,
de Zon vormt in
de oostenwind
een pakkend takkenspel;
de lijnen in het grijs
schijnen herten uit het niets,
zich lavende aan smeltend ijs.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Uit: "Velden vol melodieën" (2016)


zaterdag 23 juli 2016

Zachte band

De pijn in haar ogen,
haar smeken,
neem me toch mee.

Machteloosheid
bekrachtigt mijn stem.
Mijn band is te zacht,
u zou kunnen vallen,
mijn fiets
is er niet op gebouwd.

Lucht vult mijn hart
als haar mond zich ontspant,
weer neemt haar humor
de overhand.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Uit: "Granaatjes met een gouden slot" (2015)

donderdag 21 juli 2016

Honing op je rug

Vandaag staat mijn column "Honing, zout en rugpijn" uit mijn boek "Beleef de dag"  in een aangepaste versie op de opinie-pagina van het Nederlands Dagblad. (Blz. 12) De samenwerking met het ND kwam voort uit een bloggers-ontmoeting op de Open Dag van het ND in Barneveld waar de Christelijke webloggers voor uitgenodigd waren. Hier even een foto van het artikel en de originele versie uit mijn boek.


Sinds mijn rug opspeelt wordt de nieuwsgierigheid van de kat gewekt.
Eerst hield hij me gezelschap als ik op de grond ging liggen maar sinds ik me van de fysiotherapeut in kattenhouding van hol naar bol moet buigen vindt hij me wel reuze interessant. Zodra ik bol sta staat hij op en komt me kopjes geven.
Over meeleven in mijn omgeving heb ik ook niet te klagen. De alt die naast me staat te zingen is een Bulgaarse. Ze kent nog niet zoveel Nederlandse woorden maar probeert het:
Coby lopen zo, ze staat op en gaat krom lopen, waarom Coby lopen zo? Ik leg het uit en gebruik daarbij veel gebarentaal. Zij weer: Coby pijn, Coby lopen zo, ik denken, denken, denken.
Honig roept ze uit, met dikke zout. Ze doet het voor over de trui van de sopraan uit Azerbaijan. Ik heb het begrepen, ik moet honing met zeezout mengen en op de pijnlijke plekken smeren. Masageren? vraagt de sopraan, nee, niet masageren zegt ze, gewoon smeren begrijp ik, krant erop vervolgt ze of doek, slapen, wakker, wassen en finito!
Bij het laatste woord kijkt ze heel blij want dan moet de pijn over zijn.
De sopraan raakt mijn rug aan en vraagt: hier? nee, hier? au, ja daar. Ze strijkt over mijn rug en zegt ik ga jou masageren, rechtop proberen te lopen, niet zo krom. Honing, ja, weet je, als je verkouden bent is honing eten goed, nu zijn je spieren verkouden.
Heb je wel honing anders koop ik het voor je. Ik bedenk hoeveel liefde deze vrouwen geven. De sopraan maakt haar eigen kleding van goedkope lapjes op de markt en komt rond van weinig, is altijd vrolijk, creatief, behulpzaam. De alt doet zo haar best om mij advies te geven om mijn pijn kwijt te raken, ik voel me rijk gezegend met hun liefde, als rugpijn daar van over zou gaan zou het meteen weg zijn.
Gewapend met een pot honing, zout, een lepel en een schoteltje zit ik in de badkamer en smeer me volgens aanwijzingen in. Het plakt verschrikkelijk maar hup, long-shirt erover en onder het dekbed. Mijn man gaat een eindje verder van me af liggen maar zo heb ik iets meer bewegingsvrijheid, dat komt me goed uit want draaien was tot nu toe heel pijnlijk.
Om 4 uur word ik wakker. Twee pijnpunten had ik om het uit te proberen niet ingesmeerd en die voel ik, de andere pijn is weg. Het schoteltje is nog niet leeg, ik smeer de pijndelen in en hervat de slaap.
Als ik wakker word weet ik niet wat me overkomt, ik kan rechtop lopen, mijn rug voelt soepel, de pijn is weg. De hele dag kan ik bijna alles weer doen alleen lang staan wil nog niet maar toch, het is een heel stuk beter geworden. Dat onze Bulgaarse alt slim was had ik al ontdekt tijdens de repetities, ze zingt de moeilijkste stukken na een paar keer zo mee of het nu Engels, Duits of Nederlands is maar dat ze in één nacht een mens van rugpijn kan verlossen vind ik subliem!

Coby Poelman - Duisterwinkel


Uit: "Beleef de dag" (2015)

maandag 18 juli 2016

Laan van Psalmen

‘Zelfs vindt de mus..’
geschreven op een woning,
een dienaar van het Woord
vond hier een onderkomen.

Zelfs vindt de mus..
een psalm voor onze Koning,
Hij heeft de bede
van de mens gehoord.

Tezamen met de mussen
in de laan van Psalmen,
hopen we eens te zingen
over hemelpalmen.


Coby Poelman-Duisterwinkel


Uit: "Velden vol melodieën" (2016)

dinsdag 12 juli 2016

Innerlijk gesprek

Met niets zijn we gekomen,
met niets zullen we gaan.

Hoezo, ruisen de stromen,
een koele wind blaast aan:
door God ben je gekomen
en met Hem mag je gaan,
je mag zelfs bij Hem wonen,

hij wakkert nog iets aan:
heb je genoten, wil hij weten
van alle gaven die je kreeg,
wat vond je 't fijn ervan te delen,
ik luister en beweeg.

Geen dag heb ik niet kunnen eten
en altijd ging ik goed gekleed,
nooit zal ik dit gesprek vergeten,
ik dank U Vader dat ik leef!

Coby Poelman-Duisterwinkel

Gedachten bij 1 Timotheüs 6 : 6 – 11


Uit : "Geloofsvreugde" (2013)



donderdag 7 juli 2016

Hongarije-virus

Elke dag roert hij het even aan,
er is een grote interesse ontstaan.
Op tv werkt een oude vrouw op het land
met houten gereedschap in de hand.
De huizen zijn van het Poolse soort,
de commentator voert monotoon het woord.

"Kijk, hiermee kun je de omgeving vergelijken”,
ik laat een poosje diepe interesse blijken
maar zijn opgetogenheid is nog niet de mijne,
'k bedenk voor en tegen, mijn hand in de zijne.
Is dit echt menens of nog maar een plan,
wil hij dit of komt het er toch nooit van?

Vandaag zag hij weer één op internet,
heeft aantekeningen op papier gezet.
"'t Is niet te geloven, zo goedkoop
en hectares grond, dat is een hele hoop!
Daar koop je in Nederland een nieuwe auto voor,”
zo praat hij een tijdje opgewonden door.

Ik denk aan de afstand en de vreemde taal,
hoe geven we 't handen en voeten allemaal?
Ik kan beginnen de taal te gaan leren,
het lijkt me wel leuk weer te gaan studeren.
't Houdt ons flink bezig, die Hongaarse huizen,
wie weet gaan we in de toekomst verhuizen.

……………………

We hebben het grote aanbod bekeken,
op de snelweg is langzaam het virus geweken.

Coby Poelman-Duisterwinkel


Uit: "Granaatjes met een gouden slot" (2015)

zondag 3 juli 2016

Zeer geliefd publiek





Als ik mijn mond in V-vorm trek
onder de rood met wit geblokte pet
bebloemd met een margriet
lijk ik toch aardig vredig,
is het niet?

De kunstenaar bestrijkt in het decor
een vleugje wereldvrede
waarin mijn duifmuziek zal spelen
zoekend snaren die geen
strijkstok raken kan

o, dat ooit vredestichters
echte vrede winnen,
dan speel ik sterren van de hemeljas
die koningsblauw geschilderd mij omarmt,
u, zeer geliefd publiek verwarmt.

Coby Poelman-Duisterwinkel

Geschreven bij een schilderij van Torcqué voor zijn jubileumboek "Echo van de stilte" dat is uitgekomen in juli 2011.

Dit gedicht is met een foto van het kunstwerk gepubliceerd in het boek "Strijklicht van violen".